Irish Republican Army

Naam organisatie Irish Republican Army (IRA), Óglaigh na hÉireann
Aliassen Er bestaan vele afsplitsingen van de originele IRA, zoals de Provisional IRA (PIRA), Official IRA (OIRA), real IRA (rIRA), een aantal kleinere, radicale groeperingen en de New IRA is één van de nieuwere, nog actieve organisaties.
Land / regio (oorsprong) Ireland
Operationele gebieden Ireland, United Kingdom
Toelichting Operationele Gebieden

De IRA kent een lange geschiedenis sinds de onafhankelijkheidsstrijd tussen Ierland en het Verenigd Koninkrijk vroeg in de 20ste eeuw. De oorsprong van de IRA ligt in de huidige Republiek Ierland. Met de splitsing tussen Ierland en Noord-Ierland werd de IRA ook actief in Noord-Ierland en vanaf de jaren ’80 breidde de IRA het operationele gebied uit naar het Verenigd Koninkrijk.  

Classificatie en ideologie

Nationalistisch terrorisme

Doelen

De IRA streed voor Ierse onafhankelijkheid van het Verenigd Koninkrijk en voor eenwording van Ierland en Noord Ierland tot een volledig onafhankelijk en verenigd Ierland. 

Omvang (in personen) 5000+
Laatste activiteit Geen informatie beschikbaar
Laatst gewijzigd

Operationele gebieden

Huidige bekende operationele gebieden

Achtergrond

Korte geschiedenis

De IRA kent zijn oorsprong in de onafhankelijkheidsstrijd tegen het Verenigd Koninkrijk. Deze strijd eindigde toen de IRA in 1921, na een guerrillastrijd van drie jaar, een groot deel van het Ierse eiland had veroverd van het Britse leger. In 1948 werd de Republiek Ierland uitgeroepen. Met de tweedeling tussen het onafhankelijke Ierland en het Britse Noord-Ierland was ook een religieuze tweedeling (her)ontstaan: Ierland kende een meerderheid aan rooms-katholieken, terwijl protestanten in Noord-Ierland in de meerderheid waren. De rooms-katholieken in Noord-Ierland, ook wel republikeinen, voelden zich gediscrimineerd door de protestanten, de loyalisten (want loyaal aan de Britse Kroon). Op terreinen als huisvesting, sociale zekerheid en werkgelegenheid kwamen de republikeinen er vaak slechter vanaf dan de loyalisten. Vanaf dit moment werd de IRA actief op Noord-Iers grondgebied, met het hoofdkwartier nog altijd gevestigd in Dublin.

Na de relatief rustige jaren ’60, werd in 1968 een vreedzaam burgerrechtenprotest georganiseerd door republikeinen met excessief geweld stilgelegd door de Royal Ulster Constabulary (RUC, de pro-Britse politie in Noord Ierland). Deze gebeurtenis wordt door sommigen aangeduid als de start van The Troubles, zoals het conflict in Noord Ierland tussen de jaren ’60 en 1998 wordt genoemd. Tijdens de zogeheten Battle of the Bogside in 1969 liep een nieuw burgerrechtenprotest uit in rellen tussen protestanten en katholieken in Londonderry (Derry genoemd door republikeinen). Ook in andere steden liepen de gemoederen hoog op en vonden aanslagen en gevechten plaats tussen de IRA en de pro-Britse Ulster Volunteer Force, de Ulster Defense Association en andere pro-Britse groeperingen. 1972 was het bloedigste jaar van de gehele Troubles, met bijna 500 dodelijke slachtoffers. 30 januari 1972 zou de geschiedenis ingaan als Bloody Sunday. Er waren veertien doden te betreuren na excessief ingrijpen van het leger tijdens een (illegaal) protest in (London)Derry. De IRA reageerde met een groot aantal bomaanslagen, schattingen rijzen tot in de duizendtallen, vaak specifiek gericht op (protestantse) burgers. In 1972 besloot het Britse parlement in te grijpen en directe zeggenschap te claimen over Noord Ierland door middel van een controversiële noodwet. Vanaf dit moment kunnen mensen verdacht van betrokkenheid bij de IRA worden gearresteerd en vastgezet zonder proces. Er zijn verslagen van verhoren waarbij marteling werd ingezet. Vanaf dit moment worden mensen gearresteerd en gevangengezet zonder recht op een eerlijk proces. Ook worden deze gevangenen gemarteld tijdens ondervragingen. Een vermoeden of verdenking van betrokkenheid bij de IRA is voldoende om in deze situatie terecht te komen. Onderhandelingen in 1973 leidden tot een wapenstilstand die tot 1975 duurde. Het geweld nam af maar het staakt-het-vuren werd niet volledig gerespecteerd aangezien er nog steeds aanslagen plaatsvonden. Onderlinge onenigheid binnen de IRA over onder andere het gebruik van geweld leidt tot diverse splintergroepen die zich mengen in het conflict.

Vanaf de jaren ’70 startte de PIRA met bomaanslagen op het Brits grondgebied, met onder andere gerichte aanvallen op leden en vertrouwelingen van het Britse Koninklijk Huis. Een aantal angstaanjagende moorden op burgers, willekeurig van de straat geplukt of per ongeluk geraakt, leidt tot 600 doden in 1975 en 1976. In reactie op dit nieuwe geweld werd de Peace People Movement opgericht, gericht op het herstellen van vrede. Voor hun werk ontvangt de Peace People Movement de Nobelprijs voor de Vrede in 1977. Echter, de strijd gaat door. In 1981 en 1982 vonden hongerstakingen plaats, waarbij republikeinse gevangenen probeerden bepaalde rechten af te dwingen. De hongerstakingen kregen wereldwijde aandacht toen één van de hongerstakers, Bobby Sands, overleed. Uiteindelijk zouden er tien hongerstakers overlijden voordat de hongerstaking werd beëindigd. Hoewel sommige eisen werden ingewilligd was de conclusie van velen dat de staking voor niets was geweest. In 1984 vond vervolgens nog een aanslag plaats op Margaret Thatcher. Een bomaanslag blies de gehele voorgevel van het hotel in Brighton waar zij verbleef aan stukken. Thatcher overleefde maar een aantal andere hotelgasten, waaronder een Britse minister, niet. Hoewel dit soort aanslagen veel indruk maken, neemt het geweld in de jaren ’80 af ten opzichte van de jaren ’70.

Vanaf de jaren ’90 krijgt de Republiek Ierland, via de regering in Dublin, steeds meer een faciliterende rol in het onderhandelingsproces over Noord Ierland. Met de groei van Sinn Féin ontstond er een geloofwaardige politieke vertegenwoordiger aan de republikeinse kant die kon onderhandelen met de Britse regering. Ook raken internationale actoren in deze periode betrokken. President Clinton mengt zich en zet een ontwapeningscampagne in beweging. Deze faalt jammerlijk en leidt in 1996 tot nieuwe bomaanslagen van de IRA op Brits grondgebied. Als Tony Blair (Labour Party) premier wordt in 1997 komt er schot in de onderhandelingen: Sinn Féin werd als proxy van de IRA naar voren geschoven en de IRA zelf legde zich toe op de handhaving van een staakt-het-vuren.

Op 10 april 1998 werd het Goede Vrijdagakkoord gepresenteerd door de onderhandelende partijen. Dit akkoord bevatte voorstellen richting een eerlijke machtsverdeling tussen protestanten en katholieken in Noord Ierland, legde de beginselen van intensievere samenwerking tussen Ierland en Noord Ierland en stelde voor om de constitutionele toekomst van Noord Ierland te laten beslissen in verkiezingen. Op 22 mei vond vervolgens een referendum plaats waarin de bevolking van zowel Noord Ierland als Ierland haar goedkeuring gaf aan het Goede Vrijdagakkoord. Met enige vertraging begonnen de IRA en andere paramilitaire groeperingen met ontwapening. Er vonden echter nog steeds aanslagen plaats, uitgevoerd door de real IRA (rIRA), die zich afsplitste van de IRA vlak voor het Goede Vrijdagakkoord. Ook bleef er onenigheid over een aantal punten. In 2005 maakte de IRA officieel een eind aan de gewapende strijd door verder te gaan als politieke organisatie. In 2012 wordt echter een nieuwe groepering opgericht, de New IRA (NIRA), die zich tegen het geweldloze vredesproces keert. In april 2019 zorgt de vergismoord op journaliste Lyra McKee voor veel ophef. Ook de Brexit en de daarmee gepaard gaande onzekerheid zorgt voor nieuwe spanningen, die de kwetsbare vrede mogelijk verder bedreigen.

(Drake, C.J.M. (1991) The Provisional IRA: A Case Study. Terrorism and Political Violence 3[2] pp. 43-60; McKittrick, D. & D. McVea (2012) Making Sense of the Troubles. A History of the Northern Ireland Conflict. Penguin Books: London; Centre for International Security and Cooperation (2019) Mapping Militants: Ireland. Map on 1950-2019 via http://web.stanford.edu/group/mappingmilitants/cgi-bin/maps/view/ireland; UCDP (2019) Conflict: United Kingdom: Northern Ireland via https://ucdp.uu.se/conflict/315)

Relevantie voor Nederland

Geen informatie beschikbaar

Relevantie voor het Caribisch koninkrijksdeel (Aruba, Curaçao, St Maarten, St Eustatius, Bonaire en Saba)

Geen informatie beschikbaar

Organisatiestructuur

Omvang organisatie/groepering

5000+

Omvang organisatie/groepering - toelichting

Vanwege het clandestiene karakter van de IRA is het onduidelijk hoe groot de organisatie precies was. Ook waren er vanaf eind jaren ’60 iedere zoveel jaar nieuwe afsplitsingen, wat een schatting van de omvang van de IRA verder bemoeilijkt. Wel zeggen ingewijden dat er 500 tot 700 Volunteers (leden die de operaties uitvoeren) actief waren binnen de PIRA. Volgens Martin McGuinness, een prominent IRA-lid die later politicus en onderhandelaar werd namens Sinn Féin, waren er door de jaren heen zeker 10.000 actieve betrokkenen in totaal.

(Moloney, E. (2007) The Secret History of the IRA. Penguin Books: London; Horgan, J. & M. Taylor (1997) The provisional Irish republican army: Command and functional structure, Terrorism and Political Violence 9[3] pp. 1-32)

Leiders

In eerste instantie werd eenzelfde hiërarchische structuur aangehouden met duidelijke leiders. Later bleek dat het beter was om ondergronds te handelen en daarbij pasten een duidelijk zichtbare organisatiestructuur of welbekende leiders niet. Desondanks zijn enkele leiders wel bekend geworden:

  • Seán Mac Stíofáin (1928-2001): stafchef van de PIRA in met name de jaren ’70 maar actief tot zijn dood. Mac Stíofáin werd geboren in Engeland maar had een half-Ierse moeder. Zij stierf op jonge leeftijd maar benadrukte haar zoons Ierse afkomst, die vervolgens zijn betrokkenheid bij republikeinse organisaties ten gevolg had.
     
  • Ruairí Ó Brádaigh (1932-2013): leider van de Army Council en binnen de Sinn Féin-afdeling gelinkt aan de PIRA vanaf de jaren ’70 tot 2009. Ó Brádaigh startte aan de kant van de PIRA maar verliet hen na enkele teleurstellingen. Vervolgens richtte hij de republikeinse Sinn Féin op. Namens deze organisatie nam hij later deel aan onderhandelingen met de regeringen van het Verenigd Koninkrijk en Ierland. Beide regeringen ontkennen dit overigens.
     
  • Martin McGuinness (1950-2017): een commandant in de PIRA, vele malen verdacht van betrokkenheid bij diverse gewelddadige acties. McGuinness heeft zelf altijd ontkend direct betrokken te zijn geweest bij geweld. Later ontpopte hij zich tot belangrijk politiek figuur, betrokken bij diverse onderhandelingen en later Deputy First Minister, ofwel onderdeel van het duo dat Noord Ierland op het hoogste politieke niveau leidt.

(Garfield, A. (2002) PIRA Lessons Learned: A Model of Terrorist Leadership Succession, Low Intensity Conflict & Law Enforcement 11[2-3] pp. 271-284; The Guardian (2001)  Sean MacStiofain, via https://www.theguardian.com/news/2001/may/21/guardianobituaries.northernireland; The Guardian (2013) Ruairí Ó Brádaigh obituary, via https://www.theguardian.com/world/2013/jun/05/ruairi-o-bradaigh; BBC (2011) Martin McGuinness - a profile, via https://www.bbc.com/news/uk-northern-ireland-14975944)

Bevelstructuur

De IRA kwam in eerste instantie voort uit het Ierse leger en hield die sterk hiërarchische structuur in de beginjaren aan. De PIRA hield deze structuur aan na de splitsing in 1969. Bovenaan stonden de General Army Convention, de Army Executive (12 leden) en de Army Council (7 leden). De General Army Convention is in feite een vergadering van 100 tot 200 vertegenwoordigers van verschillende groepen in de IRA achterban. Zij kiezen gezamenlijk de Army Executive, die vervolgens weer de Army Council kiest. Er is dus sprake van een getrapt democratisch systeem via vertegenwoordiging. De OIRA had een minder hiërarchische structuur.

Onder de Army Council zit de General Headquarters (GHQ, 50-60 leden), die als het ware het dagelijkse reilen en zeilen overziet vanuit Dublin. Vervolgens is het ‘werkgebied’ onderverdeeld in Northern Command (Noord-Ierland en grensprovincies) en Southern Command (Republiek Ierland). De eerste wordt logistiek ondersteund door de laatstgenoemde. Ieder Command bestaat uit Active Service Units, waarin drie of vier Volunteers in zitten en een Operations Commander. De Volunteers voeren de operaties uit en worden aangestuurd door de Operations Commander. Een Brigadier overziet vervolgens drie tot vier Active Service Units. 

(Horgan, J. & M. Taylor (1997) The provisional Irish republican army: Command and functional structure, Terrorism and Political Violence 9[3] pp. 1-32)

Financiële inkomstenbronnen

De IRA maakte gebruik van verschillende inkomstenstromen. Zo waren verschillende winkels, bedrijven, hotels, pubs het eigendom van de IRA en werden de inkomsten van deze bedrijven besteed aan de gewapende strijd. Ook was de IRA betrokken bij belastingfraude, witwaspraktijken en drugshandel. Ook werd er geld ontvangen van buitenlandse supporters, bijvoorbeeld vanuit Ierse migranten die in de Verenigde Staten woonachtig waren. Tot slot verdienden ze af en toe geld met een gewapend escort, waarbij ze klanten voor een financiële vergoeding voorzagen van een beveiligd transport. De IRA heeft geprobeerd om inkomsten te verkrijgen via kidnappen, waarbij borgsommen werden gevraagd voordat het slachtoffer vrij werd gelaten. Dit bleek een weinig lucratieve bezigheid voor de IRA en kwam daarom relatief weinig voor. Wel werden er ontvoeringen uitgevoerd om tegenstanders te ondervragen, vaak gepaard gaand met marteling en soms met een dodelijke afloop. De inkomsten van de IRA worden tussen de 5 en 10 miljoen pond geschat in de periode 1988 tot 1998. 

(Horgan, J. & M. Taylor (1997) The provisional Irish republican army: Command and functional structure, Terrorism and Political Violence 9[3] pp. 1-32; Horgan, J. & M. Taylor (1999) Playing the ‘Green Card’ ‐ financing the provisional IRA: Part 1, Terrorism and Political Violence 11[2] pp. 1-38)

(Internationale) relaties

Naast de wapenhandel met Libië en het regime aldaar is er ook een link ontdekt tussen de IRA en de Colombiaanse Fuerzas Armadas Revolucionarias de Colombia (FARC). Hoewel het onduidelijk is op welke schaal er precies is samengewerkt, is na arrestaties van betrokkenen duidelijk geworden dat er trainingen, drugs en wapens zijn uitgewisseld tussen beide organisaties. Tot slot worden de IRA en de Baskische organisatie Euskadi Ta Askatasuna (ETA) vaak met elkaar vergeleken. Hoewel er mogelijk uitwisselingen hebben plaatsgevonden op het gebied van ideologie en hebben beide organisaties elkaar misschien geïnspireerd, zijn er geen duidelijke bewijzen van institutionele samenwerking.

(Curtis, G.E. & T. Karacan (2002) The Nexus among Terrorists, Narcotics Traffickers, Weapons Proliferators and Organized Crime Networks in Western Europe. A Study Prepared by the Federal Research Division, Library of Congress under an Interagency Agreement with the United States Government, via https://www.loc.gov/rr/frd/pdf-files/WestEurope_NEXUS.pdf)

Activiteiten

Wapens en werkwijze

De IRA maakt zowel gebruik van wapens die ‘kant en klaar’ worden aangeschaft in de wapenhandel als van zelfgemaakte wapens. Veiligheidsdiensten leggen links tussen de IRA en Libië in dit verband: dit Noord-Afrikaanse land wordt gezien als belangrijke wapenleverancier voor de IRA. De zelfgemaakte wapens zijn vooral bommen, vaak gefabriceerd met in de supermarkt verkrijgbare huis-, tuin- en keukenmiddelen. Deze bommen werden vervolgens aan of in een voertuig geladen en vervolgens na een vooraf ingestelde tijd of van een afstand te worden gedetoneerd. 

(Horgan, J. & M. Taylor (1999) Playing the ‘Green Card’ ‐ financing the provisional IRA: Part 1, Terrorism and Political Violence 11[2] pp. 1-38)

Recente en/of opvallende activiteiten

april 2019

Op 18 april 2019 is de Noord-Ierse journalist Lyra McKee doodgeschoten. McKee was aanwezig bij een protest in Londonderry. De New IRA (NIRA) heeft de moord opgeëist en heeft daarbij aangegeven dat het om een vergismoord gaat. Het was de bedoeling van de gemaskerde schutter om op de aanwezige politieagenten te schieten. Lyra McKee stond echter vlak naast een politiebusje en werd dodelijk geraakt. De journaliste was bezig met een boek over een groep ‘vergeten slachtoffers’ van het conflict uit met name de jaren ‘70, genaamd The Troubles. Dit boek was met name gericht op de jonge mannen, soms nog kinderen, die zijn ontvoerd en vermoord tijdens het conflict. Het boek ging daarna over de generaties jonge paramilitairen die teleurgesteld raakten in het vredesproces en het Goedevrijdagakkoord uit 1998. Reacties uit zowel Noord Ierland als de republiek Ierland en het Verenigd Koninkrijk hebben vol afschuw en verdriet gereageerd op de moord. 

Bron(nen)
Type activiteit

Aanslagen

Geen activiteiten gevonden

Contraterroristische maatregelen

Geen activiteiten gevonden

Verwijzingen

Links

  • Andere Tijden (2014) Oorlog en Vrede in Noord-Ierland. Uitzending van 15 september 2014, via https://anderetijden.nl/aflevering/454/Oorlog-en-vrede-in-Noord-Ierland
  • BBC (2019) Spotlight on The Troubles: A Secret History. TV-serie uit 2019, via https://www.bbc.co.uk/programmes/m0008c4b/episodes/guide

Literatuur

  • Centre for International Security and Cooperation (2019) Mapping Militants: Ireland. Map on 1950-2019 via http://web.stanford.edu/group/mappingmilitants/cgi-bin/maps/view/ireland
  • Curtis, G.E. & T. Karacan (2002) The Nexus among Terrorists, Narcotics Traffickers, Weapons Proliferators and Organized Crime Networks in Western Europe. A Study Prepared by the Federal Research Division, Library of Congress under an Interagency Agreement with the United States Government, via https://www.loc.gov/rr/frd/pdf-files/WestEurope_NEXUS.pdf
  • Drake, C.J.M. (1991) The Provisional IRA: A Case Study. Terrorism and Political Violence 3[2] pp. 43-60
  • Horgan, J. & M. Taylor (1997) The provisional Irish republican army: Command and functional structure, Terrorism and Political Violence 9[3] pp. 1-32
  • Horgan, J. & M. Taylor (1999) Playing the ‘Green Card’ ‐ financing the provisional IRA: Part 1, Terrorism and Political Violence 11[2] pp. 1-38
  • Sarma, K. (2007) Defensive Propaganda and IRA Political Control in Republican Communities, Studies in Conflict & Terrorism 30[12] pp. 1073-1094
  • McKittrick, D. & D. McVea (2012) Making Sense of the Troubles. A History of the Northern Ireland Conflict. Penguin Books: London
  • Moloney, E. (2007) The Secret History of the IRA. Penguin Books: London
  • UCDP (2019) Conflict: United Kingdom: Northern Ireland via https://ucdp.uu.se/conflict/315

Wat vindt u van de kennisbank?
Doe mee met ons gebruikersonderzoek en help ons mee de kennisbank verder te verbeteren.

Ja, ik doe mee